Vrijheid te koop?

Happy Turtle Omhoog Nieuws Gedichten Posters Liedjes Kids Kluister! Maandelijkse Cyclus Wie Wat Waar?

 

 

Over Den Haag, de stad van recht en vrede... En hoe je in die stad je huis wordt uitgejaagd.

"ALLEEN ALS JE GELD HEBT DAN IS DE VRIJHEID NIET DUUR?" ** 

Ha, 'Maria' is weer thuis. En daar heb je 'Fortuna' ook. Eén voor één komen de meisjes binnenvaren na een lange dag op zee. Opgewonden mannen met felgekleurde koelboxen schuifelen de loopplank af. Wennend aan de vaste grond met hun nieuwverworven zeebenen. Nog een patatje bij het Vispaleis en daarna per auto of bus terug naar die Heimat. Nach Mutti. Waar de diepvries gulzig wacht op de verse visjes uit de Nederlandse Noordzee.   

In het warme zonlicht van mijn werkkamer staar ik uit het raam naar de kalmerende haven en verzin een verhaal. Van Maria, zo maar een meisje uit Den Haag. Van top tot teen is ze verliefd op die gitarist en voor twintig euro kocht ze een kaartje. Geen gering bedrag maar natuurlijk heeft ze dat over voor dit concert. Samen met haar vriendin staat ze ’s ochtends vroeg al bij de poorten en met tientallen tegelijk rennen ze op hun gympen het Malieveld over. Normaal zouden ze giechelen, de slappe lach krijgen, maar het doel en hun bestemming is te belangrijk nu. Met triomfantelijke gil stuiten ze tegen het voorste dranghek, iets rechts van het midden, daar waar de gitarist altijd staat. ‘Perfect,’ denkt Maria. Ze kijkt met stralende ogen haar vriendin aan, dan leunt ze over het hek. Het beste uitzicht hebben ze. Zou dat z’n gitaar zijn? Een mooiere plek kan niet, zó dicht bij het podium. Slechts een paar stappen Niemandsland tussen haar en haar grote liefde. Ze legt haar kin op het hek en droomt weg.

Het allereerste hek

‘Niemandsland’ echoot het in mijn hoofd. Niemandsland? Raar woord. Ooit was heel de aarde Niemandsland. Toen is er een man geweest, ja het zal een man geweest zijn, die het allereerste hek neerzette. Dit stukje van de aardbol is van mij vond hij. En niemand mag hier komen zonder mijn toestemming. Wie weet had hij het eerst geprobeerd met een streep over de grond. Of een urinespoor, net als de dieren. Maar dat hielp niet. Wellicht deed hij nog een extra geurende poging na het eten van een kilo asperges. En toen kwam dan toch dat hek. En daarmee het einde van de wereld. ‘Dit is mijn land, niemand mag hier komen zonder mijn toestemming,’ riep hij. En meteen daarna  – dat kwam mooi uit! – sommeerde hij zijn vrouw binnen de omheining te blijven. Zo sneed het hek van twee kanten, iets wat de overige mannen natuurlijk deed kwijlen van ontzag en afgunst. Weldra werd heel de aarde volgebouwd met hekken en was landjeveroveren de nieuwe sport. Eerst nog gemoedelijk, er was immers land genoeg, daarna met knuppels, later met legers. ‘Ik wil jouw land met jouw uitzicht, jouw vruchtenbomen en jouw vrouw, hier heb je 20 geiten en míjn vrouw. Geen deal? Dan sla ik je voor je knar.’ 

Vrijheid heeft zo zijn grenzen

In de verte hoor ik de meeuwen krijsen rondom het Vispaleis. Azend op een hapje frituur zijn ze niet te beroerd elkaar een snavel in het vel te prikken. Mijn brein maalt verder: stel dat de bewoners van mijn lichaam denken dat ze de eigenaar zijn en hekjes gaan plaatsen. ‘Hier mag jij niet komen’ zegt de ene bacterie. ‘Ja maar dáár kan ik een hapje voedsel halen’, roept de ander. ‘Pech! Dat is nu van mij, ook al stapelt het voedsel zich op en heb jij niks’. Voor ik het weet zal ik geplaagd worden door puisten, schurft, aandoeningen en ziektes. En dat geldt ook voor de aarde. De natuurlijke flow is weg. Het is toch bizar dat ik als bewoner van deze aardbol niet overal vrij mag rondlopen? Dat sommige gebieden verboden zijn? Dat ik een paspoort nodig heb en toestemming van een mede-bacterie? Vrijheid noemen we dat.

En aan de andere kant… stel dat zo meteen mijn deurbel gaat en een gezin met vier kinderen mijn huis binnenstapt. Hun enige bezit: twee boodschappentassen met kleren en zes paar glinsterende ogen. ‘Wat een fijn huis! Hier willen ze graag wonen. Aan één kamer hebben ze genoeg.’ Dan zal ik wanhopig stotteren dat dat onmogelijk is, dat het míjn huis is, en dat ik toch echt drie kamers nodig heb. Niet begrijpend zullen ze me aankijken. Ik ben toch maar in mijn eentje? En het enige wat ik kan denken is: ‘hoe krijg ik ze weg? Hoe krijg ik ze in vredesnaam mijn huis uit!?’

Vrijheid, maar wel ónze vrijheid

Brrr, een confronterende gedachte. Waar liggen mijn grenzen? Ik sta op, draai mijn voordeur op slot en zet – voor het geval dat - een kilo asperges op mijn boodschappenlijst. Dan neem ik weer plaats op mijn favoriete plek aan het raam en bezie hoe onze voormalige bezetter tevreden een harinkje in zijn keelgat laat glijden. Hij wel. Maar mensen die écht honger hebben sturen we het liefst meteen het hek weer uit. Die hebben geen geld. Stel je voor dat ze onze kazen en vis lekker gaan vinden. Daar komen problemen van. Nee, hier heerst vrijheid, maar wel ónze vrijheid. Stevige hekken waarborgen onze voorraden, ons kapitaal, óns vrije land. En het mooie is: wij hoeven ons niet te verlagen tot geweld. Wij hebben het geld, dus wij hebben de macht. Vrede noemen we dat. 

Nèt zo’n mooie plek, met nèt zo’n mooi uitzicht

Portieren slaan dicht, ik hoor de laatste begroetingen van onze Duitse vrienden die hier gemütlich een hapje zijn komen hengelen. Was ik niet bezig met een verhaal over Maria op de mooiste plek van het Malieveld? Vlakbij het podium? Ik probeer het romantische beeld weer op te pakken en ‘zoom in’ op Maria en haar vriendin. Het concert begint bijna. De zon schijnt lekker op hun jonge ongeduldige lichamen en ze genieten van het uitzicht. Hun ogen verwachtingsvol gericht op het podium. Nog even…

Plotseling schuift een grote donkere schaduw over ze heen. Een enorm gevaarte neemt bezit van het Niemandsland, over de hele breedte van het veld. Een muur. Meer dan vier meter hoog. Nee geen muur, het is een tribune. Een kolossale tribune op wielen, vol mensen, schuift tussen hen en het podium. Mensen die nèt zo’n mooie plek willen als zij, met nèt zo’n mooi uitzicht, en daar maar liefst honderd euro voor betaalden. Maria en haar vriendin kijken tegen de blinde muur aan, ze rillen. Er is geen zon meer, geen licht, geen uitzicht. Om hen heen beginnen mensen te vloeken, te tieren, te schoppen en te slaan. Sommigen proberen tevergeefs de muur neer te halen. Huilend en scheldend lopen ze weg. Maria en haar vriendin kijken elkaar alleen maar verbijsterd aan. 

Landjepik in Den Haag, de stad van recht en vrede

Bizar? Ik kijk uit mijn raam, vanuit mijn werkkamer. Verliefd op het water, de bootjes, de stille bedrijvigheid van de haven. Eén voor één rijden de witzwarte nummerplaten weg en keert de rust terug. De zon glinstert in het water, een prachtige oranje gloed nu. Meeuwen zweven om de slapende boten. Het mooiste moment van de dag breekt aan en ik heb het allermooiste uitzicht. Inspirerend mooi. Slechts enkele meters Niemandsland tussen mij en mijn grote liefde, de haven…

Maar Niemandsland bestaat niet. Morgen verrijst hier een woontoren van dertig meter, met mensen die nèt zo’n mooie plek willen als ik, met nèt zo’n mooi uitzicht, en daar maar liefst vijf keer zo veel voor kunnen betalen. Ook hier geldt het recht van de rijkste. Mij rest uitzicht op een blinde muur. En kou, want ook zonneschijn en licht worden mij ontnomen. ‘Tsja, jouw huis is nu dus onverkoopbaar geworden,’ zegt de schrandere projectontwikkelaar. ‘Verkoop het dus maar aan ons. Jouw stukje grond willen we ook wel hebben.’

Zo werkt landjepik in vredestijd. Dat is vrijheid in Den Haag, de stad van recht en vrede. ‘Alleen als je geld hebt, dan is de vrijheid niet duur,’ zong Jekkers. Maar al nemen ze mij alles af, mijn vrijheid is niet te koop. Ik zal altijd verhalen blijven verzinnen... 

Van Maria en haar vriendin bijvoorbeeld. Ze staren elkaar nog steeds vol verbijstering aan. Hoe zullen ze reageren? Worden ze boos, agressief, verdrietig, of voelen ze zich machteloos? Dan begint de muziek te spelen. Maria voelt een rilling door haar lichaam gaan en concentreert zich op hém. De blinde muur verdwijnt spontaan als de gitarist zijn snaren beroert. Ze ziet hem niet, maar voelt des te meer hoe zijn vingers over de snaren glijden, over haar lichaam. Iedere noot een sensuele trilling. In de schaduw van de muur beginnen Maria en haar vriendin te dansen. Ze dansen, ze zingen, ze schreeuwen en voelen elke trilling van het leven. 

Vrijheid is een kwestie van hekjes opruimen, te beginnen in jezelf.   

 Geplaatst in de bundel "De Vrede van Den Haag" (5 mei 2008  © Happy Turtle

** Harrie Jekkers / Klein Orkest:  Over de Muur

    

=> ga terug naar Columns en Verhalen

 

 

 

haven zonsonder 72dpi.jpg (113888 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

haven2web.jpg (151481 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

haven1web.jpg (235729 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

haven3web.jpg (113852 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

havenvlagdagweb.jpg (210868 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vlaggetjesnach.jpg (36219 bytes)