Feessies
“Ik
heb dit weekend drie verjaardaaaaghen,” verzuchtte vandaag een vrouw achter
me in de tram, met onvervalst Brabantse 'ghee'. Brrr, zoals ze dat zei… dan zie
ik meteen zo’n ‘knus kringetje’ voor me, met koffie, taart en
bijgeschoven tuinstoelen waar de schimmel en spinnenwebben nog onder
kleven. En zo’n buurvrouw met te smal geëpileerde wenkbrauwen die
uitkraait: “meid, wat ben je groot geworden!” En dat terwijl je al 20
jaar geen centimeter gegroeid bent, tenminste… in de lengte dan. En een
oom die je voor de honderdduizendste keer vraagt wat je nou precies doet,
om vervolgens een
avondvullende speech te houden over het verval van de huidige
maatschappij. Wat je dus iets te luid doet vragen om een kopje paddothee
enne: “Mag de buis zo aan, over twee minuten begint die diepzinnige
filmklassieker Deep Throat." Ik vond trouwens het boek beter.
Ook
zo erg….Kerst… overal wordt gezongen over vrede op
aarde, terwijl nog geen half uur geleden de koude oorlog is uitgebroken
binnen de familie. De kransjes in de boom zijn inmiddels opgevreten door
de bouvier van je broer en het jongste kleinkind is nog geen seconde stil
geweest. En maar krijsen. Het liefste knoopte je er meteen een doopfeest
aan vast: 10 minuten in de badkuip moet genoeg zijn om die volgepoepte
brulboei stil te krijgen. Gelukkig kun je, nadat je gordijnen vlam hebben
gevat van dat gezellige trappetje in je vensterbank, eindelijk met goed
fatsoen de hele bende met tweede- en derdegraads kerstcadeaus naar huis sturen. Hopelijk vergeten ze zichzelf uit
te nodigen voor de oliebollen met champagne, een weekje later –
‘natuurlijk weer bij jou want je ligt zo lekker centraal’ - en kun je
nog snel een lawinevrij wintersportje boeken. Kerst is al erg, maar een
goed beschonken familie vol oudejaarsmelancholie… dat doet je verlangen
naar zo’n illegale vuurwerkbom uit het voormalige Oostblok.
En
dan pakjesavond. Natuurlijk trek jij weer die nieuwe vlam van je oudste
zus die je nu zo’n 2x gezien hebt op wéér zo’n verjaardagsfuif van
een tante. Wat moet je in godsnaam in je gedicht zetten? Je weet nog niks
van ‘m. Het enige waarover je wat zinnigs kunt zeggen is zijn uiterlijk.
Sterker nog, je kunt wel twintig A-4tjes vullen over zijn vreemdgevormde
lichaamsdelen en biologisch originele accessoires. Maar daarmee heb je al
menig familielid tot verstokte vrijgezel gemaakt, en het wordt tijd dat
deze alcoholische zus nu eens de drankvoorraad van een ander gaat
leegplunderen. Dan maar vier neutrale rijmregeltjes van internet plukken,
met een schuchter mondeling excuus over tijdgebrek en writersblock.
Heb
ik het nog niet eens gehad over carnaval. Brrrr, ik krijg al
polonaisepoliepen bij het woord alleen. Wat een doffe ellende is dat.
Zodra ze daar in het zuiden een kieltje aantrekken.. Nou, hou je dan maar
vast hoor! Eén kudde vol blije zachte ghees dweilt door de straten, de een
nog joliger dan de ander, de een nog getapter dan de ander, en aan het
eind is de ene helft zwanger van de ander. Is het je nooit opgevallen
hoeveel benedenrivierse boogschutters er rondlopen?
En die zijn binnenkort
allemaal jarig.
Nee,
gelukkig woon ik in het nuchtere noorden. Weinig verjaardaaaaghen de komende
tijd. Geen verplichte feessies. Ik kan gewoon de kroeg in.
(Geplaatst:
27 oktober 2006 / Herzien: 2 maart 2008 ©
Happy Turtle)
=>
meer Columns & Verhalen

Meer info? Wie, wat waar...